Wat bedoelen franciscanen toch met nederigheid?
Het verhaal van de melaatse man
Als het over de franciscaanse spiritualiteit gaat, hoor je vaak de term ‘nederigheid’. Bij dat woord zie ik regelmatig wat stekels omhoog gaan. Dat is te begrijpen. In het verleden werd richting de geestelijkheid toch wel een nederige houding verwacht; en van die bijna kruiperigheid wil de moderne mens niks weten. En terecht trouwens. Er wordt zeker geen kruiperigheid mee bedoeld. Verre van. We hoeven en mogen niet vergeten dat wij zelf kind van God zijn: zo diep hoeft het ene kind van God niet voor het andere te gaan. Ze zijn immers gelijk.
Er is echter meer. De mens is helaas heel goed in het oordelen of beter: veroordelen van anderen. Dat is niet goed. Franciscus vermaant ons dat niet te doen. Dat doet hij met een beroep op Jezus die zelf vroeg: “Wie heeft mij als rechter over u aangesteld?”
Ja, wie ben ik om te oordelen over een ander? Meestal ken je de context niet en zelfs al ken je die wel, dan nog kun je enkel bij jezelf overwegen welke keuze jij zou maken in die situatie. Laat ik maar duidelijk zijn: ik ben bijvoorbeeld niet voor abortus of euthanasie, maar ik zal iemand die hiervoor wel de keuze maakt daarop niet aanvallen of afwijzen. Dat leidt tot niets.
Alleen wanneer we oordeelloos door de wereld gaan, staan we open voor iedereen. Dan zijn we nederig en kun je echt zorg voor iemand dragen. Er is een verhaal van Franciscus waarin hij voor een melaatse gaat zorgen waar niemand anders, ook zijn medebroeders niet, meer voor willen zorgen. Deze melaatse lastert namelijk God. Franciscus heeft haarfijn door dat dit de onmacht van deze mens is; hij heeft pijn, hij wordt niet begrepen en hij kan daar niks aan veranderen. Dan stelt Franciscus hem een cruciale vraag: beste man, wat wil je dat ik voor je doe?



Pexels
Hans van Wingerde

Pexels via Pixabay